ENNL

Wet minimumloon

Prioriteit KVNR: Wet minimumloon niet van toepassing op zeeschepen

Reders: "De Inspectiedienst SZW moet zo snel mogelijk stoppen met het op eigen wijze interpreteren van de Wet minimumloon op zeeschepen onder Nederlandse vlag, omdat deze wet daar niet geldt en de nu gewijzigde lijn van handhaving grote schade toebrengt aan de bedrijfstak en de werkgelegenheid van Nederlandse zeevarenden.”

IMG_20131219_110712.JPG
Guido Hollaar 150.JPG
Dossierhouder

 

Guido Hollaar
Adjunct-directeur

010 4146 001
hollaar@kvnr.nl

 

Nathan Habers 150.JPG
Persvoorlichting

 

Nathan Habers
Public Relations

06 5200 0788
010 2176 264
habers@kvnr.nl

Achtergrond

De Inspectie SZW (ISZW) heeft inspecties uitgevoerd op de naleving van de Wet minimumloon en vakantietoeslag (WML) aan boord van een zeeschip varend onder Nederlandse vlag. De ISZW vindt dat niet-Europese matrozen conform het Nederlandse minimumloon moeten worden betaald. De ISZW heeft het verschil berekend tussen het minimumloon en hetgeen is uitbetaald conform de geldende CAO, die is afgesloten met de buitenlandse zeeliedenvakbond en de aan FNV verbonden zeeliedenvakbond Nautilus International. De ISZW heeft gevorderd dat dit verschil aan de betrokken zeevarenden wordt uitbetaald. ISZW dreigt met stillegging van het bedrijf. Ook volgen er boetes.

De ISZW doorkruist met deze vorderingen het al decennia staande Nederlandse overheidsbeleid dat de Wet minimumloon niet van toepassing is op niet-Europese matrozen die werkzaam zijn op zeeschepen onder Nederlandse vlag. De betaling van deze matrozen- gebeurt op basis van internationale cao’s die zijn gebaseerd op het internationaal geldende minimumloon voor zeevarenden, zoals geadviseerd door de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO). Dit betalingsniveau is  een van de pijlers van het Nederlandse zeescheepvaartbeleid. Er vindt geen verdringing van Nederlandse werkgelegenheid plaats, omdat dit van tevoren door een commissie bestaande uit rederijenvertegenwoordigers én vakbondsvertegenwoordigers is getoetst op basis van een door de minister van Sociale Zaken Werkgelegenheid algemeen verbindend verklaarde regeling, de Regeling Arbeidsvoorziening Zeescheepvaart. Deze langlopende praktijk is  derhalve bekend binnen het ministerie van Sociale zaken.

Dit eigenstandige ISZW-beleid is een ernstige bedreiging voor zeeschepen onder Nederlandse zeescheepvaart. Vandaar dat het doorbreken van de huidige praktijk grote implicaties kent voor de gehele koopvaardij. De werkgelegenheid van Nederlandse officieren op niet-Nederlands gevlagde schepen is praktisch nihil.

Uitdaging

De ISZW moet direct stoppen met het op eigen wijze interpreteren van de Wet minimumloon op zeeschepen varend onder Nederlandse vlag. De boeteaanzegging en dreiging met stilleggen van het bedrijf moeten onmiddellijk worden ingetrokken. Conform de algemeen geldende uitleg geldt deze wet immers niet op Nederlandse zeeschepen.

De KVNR heeft het sterke vermoeden dat de handhavingsacties van de ISZW voortkomen uit onvoldoende kennis van de zeescheepvaartsector en het daarbij behorende overheidsbeleid. De Inspectiedienst Leefomgeving en Transport (ILT), waar de Scheepvaartinspectie in is opgegaan, heeft die kennis wel en voert de wettelijke taak van het uitvoeren van inspecties aan boord van zeeschepen onder Nederlandse én onder buitenlandse vlag uit. De uitbetaling van de gages en de hoogte ervan maakt onderdeel uit van de inspecties. De in het verleden overeengekomen coördinatieregeling tussen de inspectiediensten die actief zijn op zeeschepen moet zodanig worden geactualiseerd dat de ILT leidend is bij dat soort inspecties, zodat dit soort ‘bedrijfsongevallen’ in de toekomst kunnen worden voorkomen.

Stand van zaken - 18 januari 2019

Bij het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat het zeer grote belang van dit vraagstuk begrepen en is overleg gepleegd met SZW. De KVNR blijft druk uitoefenen op de minister van SZW om zo snel mogelijk de juiste stappen te zetten in het belang van de Nederlandse zeevaart. Sociale partners in de zeevaart zijn door de ministeries van I&W en SZW in de gelegenheid gesteld om met voorstellen te komen om de zee-arbeidsmarkt goed te onderscheiden van de landarbeidsmarkt. De gesprekken met FNV-vakbond Nautilus International over dit onderwerp verlopen stroef.

Nederland is nu, door de gecreëerde onzekerheid over toepasbaarheid van de WML, als maritiem vestigingsland vergaand teruggeworpen. De Nederlandse werkgelegenheid loopt direct gevaar en er worden onnodig tegenstellingen gecreëerd die toekomstige samenwerking alleen maar schaden.

Aangezien er geen sprake is en kan zijn van verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt, is vermeende ongelijkheid op die arbeidsmarkt alleen een utopie. Een utopie, die het voortbestaan van de Nederlandse zeevaart in zijn totaliteit bedreigt.