ENNL

Piraterij

Prioriteit KVNR: adequate bescherming tegen piraterij

Nederlandse reders:

“Wij zijn verheugd dat de Nederlandse overheid op 19 maart 2019 heeft ingestemd met het wetsvoorstel voor particuliere gewapende beveiliging op Nederlandse vlagschepen, zodat de veiligheid van bemanning kan worden gewaarborgd in gevaarlijke gebieden. Nu moet zo snel mogelijk de onderliggende regelgeving vastgelegd worden zodat de wet in werking kan treden.”

Maatregelen voor bescherming tegen piraterij:

Cathelijne Bouwkamp 150.JPG
Dossierhouder

 

Cathelijne Bouwkamp
Maritiem recht en security

010 2176 279
06 4168 5465
bouwkamp@kvnr.nl

Nathan Habers 150.JPG
Persvoorlichting

 

Nathan Habers
Public Relations

06 5200 0788
010 2176 264
habers@kvnr.nl

Achtergrond

Als schepen door de High Risk Area bij Somalië varen, kunnen zij bescherming aan boord krijgen tegen piraterij. Dit kan voor schepen onder Nederlandse vlag nu nog alleen in de vorm van een militair team, een Vessel Protection Detachment (VPD), in opdracht van het ministerie van Defensie. Deze inzet wordt sterk gewaardeerd door de Nederlandse reders, maar stuit soms wel op problemen.

WtBK_banner

Voor meerdere reders is de inzet van een VPD geen optie vanuit het oogpunt van flexibiliteit, omvang en kosten. Juist in die gevallen moet de reder de mogelijkheid hebben om particuliere beveiligers in te zetten. Zo kan de reder zijn bemanning en schip in alle omstandigheden beschermen tegen mogelijke aanvallen. Het ministerie van Defensie heeft drie factoren vastgesteld waarvan de inzet van een VPD afhangt. Deze factoren kunnen niet gewijzigd worden.

Flexibiliteit: Door een te lange doorlooptijd van de aanvraag kan een VPD soms niet tijdig aan boord van een schip worden ingezet. Met name in de spotmarkt, waarin veel Nederlandse schepen opereren en waarin transporten binnen enkele dagen vervoerd moeten worden, kan de inzet van een VPD moeilijk tijdig verzorgd worden.

Omvang VPD: Defensie heeft vastgesteld dat een VPD uit minimaal 11 militairen moet bestaan om de veiligheid van de militairen te garanderen. Nederlandse schepen zijn vaak relatief klein met als gevolg dat een reder een beperkt aantal hutten aan boord heeft. Zo zijn er soms niet voldoende slaapplekken aan boord voor de VPD.

Kosten: De kosten voor de reder voor de inzet van een VPD zijn door Defensie vastgesteld op 5000 euro per dag. Dit is fors hoger dan de kosten voor een privaat beveiligingsteam waarmee alle andere Europese vlaggen mogen varen. Dit zorgt voor een groot nadeel ten opzicht van de concurrenten bij het aangaan van een vervoerscontract.

Uitdaging

Op Nederland na hebben alle maritieme landen in Europa de mogelijkheid om particuliere beveiliging toe te staan al geregeld. De KVNR vindt het een heel goede zaak dat Nederland de lijn van deze landen volgt.

Particuliere gewapende beveiliging is noodzakelijk om de veiligheid te waarborgen in de High Risk Area indien de inzet van een VPD niet mogelijk is. In 2015 heeft de Nederlandse overheid in een beleidsstandpunt een kader opgesteld waarbinnen particuliere gewapende beveiliging mogelijk zou kunnen zijn. Dit heeft uiteindelijk geleid tot het indienen van het initiatiefwetsvoorstel Wet ter Bescherming Koopvaardij (WtBK) door de VVD en het CDA in september 2016.

Via deze wet kan particuliere gewapende beveiliging worden toegestaan als de inzet van een militair team, het genoemde Vessel Protection Detachment, niet mogelijk is. Het is precies de constructie waardoor de Nederlandse reders te allen tijde veilig kunnen blijven opereren. De KVNR is dan ook van mening dat deze wet voor alle betrokken partijen de best werkbare en meest gunstige oplossing is.

Stand van zaken - 12 mei 2021

De Tweede Kamer heeft het voorstel van wet, de Wet ter Bescherming Koopvaardij (WtBK), op 13 maart 2018 aangenomen. VVD, CDA, SGP, FvD, CU, PVV, 50PLUS en Denk zorgden voor een meerderheid van 89 zetels. De Eerste Kamer heeft het voorstel van wet, de Wet ter Bescherming Koopvaardij, op 19 maart 2019 aangenomen. VVD, CDA, SGP, CU, PVV, OSF, 50PLUS en D66 zorgden voor een meerderheid van 52 zetels.

Het ministerie van Justitie en Veiligheid heeft op 20 april een Wijzigingswet voor de WtBK aangeboden aan de Tweede Kamer. Deze reparatiewet bevat wijzigingen om de WtBK goed uitvoerbaar te maken voor alle partijen die een rol hebben bij de uitvoering. De Tweede Kamerleden hebben tot 20 mei de tijd om hierop te reageren met vragen.

De Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) die bij de WtBK hoort is voor een lichte voorhangprocedure gelijktijdig aangeboden aan de Eerste en de Tweede Kamer. De verwachting is dat deze in beide Kamers gelijktijdig met de Wijzigingswet WtBK wordt behandeld. Als de Kamers de AMvB hebben behandeld kan deze worden vastgesteld.

De KVNR heeft er altijd op aangedrongen dat deze lagere regelgeving spoedig én goed wordt opgesteld, zodat de wet in werking kan treden en het gewenste effect heeft. Tot nu toe vordert dit traject erg langzaam. De minister van Justitie en Veiligheid heeft op 14 juli 2020 in beantwoording van schriftelijke Kamervragen zelfs aangegeven dat de inwerkingtreding van de wet niet zal plaatsvinden op de eerder beoogde datum 1 januari 2021 maar dat nu 1 januari 2022 als streefdatum aangehouden wordt. Deze verdere vertraging komt voornamelijk door de moeizame aanwijzing van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) om specifieke taken (handhaving, certificering en toezicht) uit te gaan voeren, en door de politieke discussie over de financiering van deze voor ILT nieuwe taken.