KVNR Nieuws https://www.kvnr.nl/cms/showpage.aspx KVNR Nieuws 3600 2017-10-11T00:00:00Reders tevreden over voornemen nieuw kabinet afsluiten van een Green Deal met de sectorDe Koninklijke Vereniging van Nederlandse Reders (KVNR) is tevreden over het voornemen van het nieuwe kabinet om met de scheepvaartsector een zogenaamde Green Deal af te sluiten. Het Regeerakkoord vermeldt dat er in de zeescheepvaart nog veel milieuwinst is te behalen. De KVNR zegt haar volle medewerking toe aan het zo snel mogelijk overeenkomen van een Green Deal.   De KVNR streeft naar een verdere verduurzaming van de zeescheepvaart conform het klimaatakkoord van Parijs COP21. Gezien de onmisbaarheid van het zeevervoer voor de mondiale economie, de verwachte verdere groei van de mondiale bevolking en daarmee de mondiale economie zal ook het zeevervoer verder groeien. De milieubelasting moet echter fors naar beneden.   Dit vraagt om een mondiale aanpak waar de IMO nu fors mee aan het werk is. Maatregelen op nationaal niveau kunnen zeer behulpzaam zijn om Nederlandse reders te ondersteunen om hun schepen zo snel mogelijk duurzamer te maken. Een Green Deal zou bestaande knelpunten kunnen aanpakken zodat Nederlandse reders aan de slag kunnen. Veel mogelijke verbeteringen blijven nu uit omdat er geen beloning tegenover staat. Investeringen verdienen zich niet terug en worden dan ook niet gedaan. Verduurzaming kan tevens een versterking van de concurrentiepositie betekenen.    Een Green Deal zou in de visie van de KVNR vooral effectief zijn wanneer die positieve maatregelen bevat, die reders ondersteunen bij de verduurzaming. Milieuverbeteringen afdwingen door strengere regels kan niet op nationaal niveau. Dat behoort bij de IMO te blijven liggen.https://www.kvnr.nl/cms/showpage.aspx?id=39562017-10-03T00:00:00KVNR-directeur Martin Dorsman benoemd tot secretaris-generaal van de ECSAMartin Dorsman, directeur van de KVNR, is per 1 november 2017 benoemd tot secretaris-generaal van de ECSA, de European Community Shipowners’ Associations. Deze positie kwam vacant door het vertrek van Patrick Verhoeven.   Martin Dorsman trad 1 september 2006 in dienst van de KVNR, eerst als plv. directeur en vanaf juni 2011 als directeur. Hij vervulde veel internationale posities bij zowel de ECSA als bij de ICS, de mondiale koepel van redersverenigingen.   De internationale scheepvaart staat voor grote uitdagingen. Een zeer belangrijke betreft het verder vergroenen, waardoor de CO2-uitstoot van de scheepvaart fors gaat afnemen. “De scheepvaart moet onderdeel zijn van de oplossing van het klimaatvraagstuk. Als secretaris-generaal van de ECSA kan ik daar een belangrijke rol bij spelen, samen met de internationale partners van ECSA”, aldus Martin Dorsman. "Tegelijkertijd dient Europa een aantrekkelijke vestigingslocatie te blijven voor reders, gezien de centrale positie van de scheepvaart in de maritieme cluster. Ook hier ligt een grote rol voor ECSA."https://www.kvnr.nl/cms/showpage.aspx?id=39532017-09-25T00:00:00Recordaantal Nederlandse stagiairs op zeeschepenNu al hebben 555 Nederlandse zeevaartstudenten voor dit schooljaar een stageplek gevonden op de Nederlandse vloot. Hiermee wordt het record van 518 geplaatste stagiairs in 2016 ruim verbroken. De samenwerking tussen reders en zeevaartscholen blijkt opnieuw erg succesvol.   Ondanks de economisch zeer lastige situatie voor veel van de Nederlandse reders nemen zij hun verantwoordelijkheid voor het opleiden van Nederlandse zeevarenden. Het aantal geplaatste stagiairs op de Nederlandse vloot ligt maar liefst 70% hoger dan in 2008, toen er 324 Nederlandse stagiairs geplaatst werden. De groei van het aantal stages is te danken aan de hoge instroom bij zeevaartscholen in de afgelopen jaren.   Het record is dan wel verbroken, toch zijn nog 81 studenten op zoek naar een stageplaats. Net als verleden jaar bieden de scholen deze studenten een alternatief programma aan. De ervaring leert dat een deel van deze studenten later dit jaar alsnog aan een stage begint.https://www.kvnr.nl/cms/showpage.aspx?id=39522017-09-06T00:00:00Voornemen Nederlandse overheid tot instellen compleet lozingsverbod van ladingresiduen wordt besproken met de sectorDe commissie voor Infrastructuur en Milieu vroeg minister Schultz van Haegen tijdens het Algemeen Overleg (AO) van 5 september jl. of de minister bereid is een impact assessment uit te voeren op het voornemen van de Nederlandse overheid om een compleet lozingsverbod voor zeeschepen in te stellen die ladingtanks moeten reinigen. Een aantal van de ladingresiduen stolt snel, blijft drijven en spoelt vervolgens aan op de Nederlandse kust. Het lozingsverbod heeft betrekking op deze stoffen.   Dit voornemen zou een einde moeten maken aan het aanspoelen op de Nederlandse stranden van paraffine, waarvan het opruimen de Nederlandse overheid veel geld kost. Het zou gaan om een bedrag van € 1 mln. over heel 2016.   Hoewel een compleet lozingsverbod op het eerste gezicht een logisch voorstel lijkt, kunnen er consequenties aan vast zitten zoals het aanzienlijk langer aan de kade moeten liggen van de zeeschepen waarvan de tanks gereinigd moeten worden. Nu gebeurt dat reinigen nog op zee. Verstoring van de logistieke keten zou hiervan een gevolg kunnen zijn.   Omdat er nog geen overleg heeft plaatsgevonden met de betrokken sectoren, zoals de KVNR en andere logistieke partijen, drongen verschillende Kamerleden aan op het houden van een overleg. De minister zegde dit toe en de uitkomsten zullen aan de commissie worden gemeld ten behoeve van het voor begin december 2017 geplande AO.https://www.kvnr.nl/cms/showpage.aspx?id=39462017-09-06T00:00:00Minister Schultz van Haegen: wetsvoorstel Hong Kong verdrag binnenkort naar de Tweede Kamer Op vragen van de vaste commissie voor Infrastructuur en Milieu hoe ver Nederland is met de ratificatie van het Hong Kong verdrag over scheepsrecycling, meldde minister Schultz van Haegen gisteren tijdens het algemeen overleg dat het wetsvoorstel dit najaar naar de Tweede Kamer gaat. De Raad van State heeft inmiddels advies uitgebracht, dat niet leidt tot aanpassingen van het wetsvoorstel.   De Kamercommissie toonde zich tevreden over de gemelde voortgang. Wel werd opgemerkt dat het teleurstellend is dat slechts zeven landen het verdrag hebben geratificeerd, terwijl het al in 2009 is afgesloten. Hierdoor is het verdrag nog niet in werking getreden en gelden er nog geen mondiale regels waar landen zich aan moeten houden bij de recycling van zeeschepen. Daarmee blijft de praktijk in stand dat veel schepen op stranden worden gerecycled onder voor mens en milieu erbarmelijke omstandigheden.   De KVNR, de Europese redersvereniging ECSA en de mondiale redersvereniging ICS blijven overheden oproepen om zo snel mogelijk het verdrag te ratificeren, zodat de inwerkingtreding niet nog meer vertraging oploopt. Alleen dan worden de huidige misstanden op de beruchte sloopstranden op een effectieve wijze aangepakt en kunnen reders geen financieel voordeel meer behalen met het laten recyclen van schepen op een wijze die niet meer past bij deze tijd.https://www.kvnr.nl/cms/showpage.aspx?id=39452017-08-24T00:00:00Zr.Ms. Rotterdam vaart met internationale bemanning uit voor antipiraterijmissie Het amfibisch transportschip Zr.Ms. Rotterdam vertrekt op zondag 27 augustus uit de haven van Den Helder om mee te doen aan de antipiraterijmissie Atalanta. Het schip wordt ingezet in de wateren rond Somalië.   Operatie Atalanta is een door de Europese Unie geleide missie en richt zich op het terugdringen van piraterij voor de kust van Somalië. De belangrijkste taken zijn het escorteren van schepen varend voor het ‘World Food Program’ van de Verenigde Naties, het beschermen van kwetsbare scheepvaart in het Somalische Bassin, de Golf van Aden en de Indische Oceaan en het verstoren van piraterij.   Somalische piraten vormen al jaren een gevaar voor de scheepvaart. Jaarlijks passeren tussen de 20.000 en 30.000 schepen de Golf van Aden, waarmee het één van de drukste scheepsroutes is ter wereld. Voor 2012 werden tientallen schepen en bemanningen gekaapt in ruil voor grote sommen losgeld. Dankzij de internationale inspanningen zijn er sindsdien weinig succesvolle kapingen meer geweest, maar vanwege de instabiliteit in de regio blijft het risico op terugkeer van piraterij bestaan.   Nederland doet als sinds 2009 actief mee aan de Europese missie Atalanta. Van 2010 tot en met 2014 leverde de Koninklijke Marine ook marineschepen voor de NAVO antipiraterijmissie Ocean Shield. Met de deelname van Zr.Ms. Rotterdam levert de Nederlandse marine opnieuw een belangrijke bijdrage aan de wereldwijde bescherming van de koopvaardij op zee.   Samenwerking met Zweden Behalve de Nederlandse bemanning neemt Zr.Ms. Rotterdam ook Zweedse militairen mee. Zweden bood ondersteuning aan bij de EU om te participeren in deze missie. Door de inzet van een groot amfibisch transportschip, zoals Zr.Ms. Rotterdam, is het zelfs mogelijkheid om Zweedse ‘Combat Boats’ mee te nemen in het dok van het schip, naast andere extra inzetmiddelen en personeel. Zo is het schip verder voorzien van een boordhelikopter, een Nederlands boardingteam en uitgebreide medische faciliteiten. Ook worden ‘drones’ meegenomen om extra ogen op het water te hebben. Voor aanvang van de missie vindt een integratietraining plaats tussen de Nederlandse en Zweedse bemanning. De Zweden worden voor aanvang van de missie onder andere opgeleid in het werken met de Nederlandse helikopter.   Bij het vertrek op 27 augustus zijn de Zweedse ‘Maritime Component Commander’, schout-bij-nacht Anders Olovsson en zijn Nederlandse collega brigade-generaal Frank van Sprang, directeur operaties van de marine, aanwezig om het schip en haar bemanning uit te zwaaien.https://www.kvnr.nl/cms/showpage.aspx?id=39432017-08-21T00:00:00A2B-online Container, GoodFuels en We4Sea starten project om scheepsemissies te reducerenA2B-online Container, GoodFuels Marine en We4Sea starten een samenwerkingstraject met als doel om het verbruik van fossiele brandstof en CO2-emissies van twee schepen van A2B-online Container te verlagen. Big Data technologie wordt ingezet om de mogelijkheden om zuiniger te varen in kaart te brengen. De behaalde kostenefficiëntie door brandstofbesparing wordt vervolgens aangewend om geavanceerde biobrandstoffen in te zetten, waardoor de CO2-emissies verder zullen afnemen.   A2B-online Container B.V. biedt betrouwbare short-sea diensten aan vanaf de haven van Moerdijk naar verschillende havens in de UK. De samenwerking past in de wens van A2B-online Container om de emissieprestatie van haar schepen te verbeteren. We4Sea brengt eerst het besparingspotentieel in kaart, waarna GoodFuels Marine dit potentieel kostenneutraal zal invullen met biobrandstoffen.   Gerard de Groot, CEO van A2B-online Container legt uit: “Naast onze klanten vinden wij ook zelf het reduceren van emissies zeer belangrijk en met dit project hopen wij een volgende stap in dit proces te kunnen maken.”   Het Nederlandse bedrijf We4Sea zal de schepen ‘MS A2B Future’ en ‘MS A2B Comfort’ over een vastgestelde periode gaan monitoren. Data over positie en vaarsnelheid worden gecombineerd met technisch-operationele meetgegevens verzameld aan boord van de schepen alsook met de weersomstandigheden, golven, wind en stroming. Deze data wordt gepresenteerd op een webplatform, waardoor A2B-online Container een goed beeld krijgt van het werkelijke brandstofverbruik van hun schepen en de mogelijkheden om zuiniger te varen.  Het traject wordt periodiek geëvalueerd om het optimale besparingspotentieel te realiseren.   Dan Veen, CEO van We4Sea: “In dit project willen we bewijzen dat economie en ecologie prima samengaan. Efficiency en emissiereductie vormen een win-win situatie.”   GoodFuels Marine is leverancier van duurzame biobrandstoffen voor onder andere de maritieme industrie. Dit hoogwaardige alternatief voor fossiele scheepsbrandstof wordt geproduceerd uit gecertificeerde afvalstromen, die niet ingezet kunnen worden in andere industrieën of voor andere doeleinden. De biobrandstoffen zijn direct mengbaar met fossiele gasolie (‘drop-in’) en vereisen geen aanpassing aan motor of infrastructuur. Bij inzet in pure vorm kan een CO2-reductie tot 90% worden behaald. Welk aandeel biobrandstof krijgt binnen de brandstofmix van A2B-online Container, is afhankelijk van de brandstofbesparing gerealiseerd met hulp van We4Sea.   Isabel Welten, Business Development Manager bij GoodFuels Marine: “Dit samenwerkingstraject laat zien hoe solution providers samen de verdubbelaar kunnen inzetten. Een mooi voorbeeld van een scheepseigenaar die niet alleen aandacht besteedt aan quick wins, maar een verduurzamingstraject met langetermijnperspectief verkiest, waarbij energie-efficiëntie strategisch gecombineerd wordt met het infaseren van hernieuwbare energie.”https://www.kvnr.nl/cms/showpage.aspx?id=39422017-08-03T00:00:00Ballastwaterverdrag binnenkort van krachtOp 8 september 2017 treedt het Ballastwaterverdrag in werking. Dit verdrag is, met enkele uitzonderingen, van toepassing op alle zeeschepen die de vlag voeren of onder het gezag staan van een land dat is toegetreden tot het verdrag.   Wat is het doel van het ballastwaterverdrag? Het ballastwaterverdrag is bedoeld om verplaatsing van schadelijke aquatische organismen en ziektekiemen te voorkomen, te beperken en uiteindelijk uit te bannen door middel van controle en beheer van het ballastwater en de sedimenten van schepen.   Waarom 8 september 2017? De datum waarop het verdrag in werking treedt is geen willekeurige. Exact een jaar eerder, op 8 september 2016, trad Finland tot het verdrag toe. Hierdoor werd aan alle criteria voldaan om het IMO-ballastwaterverdrag één jaar later van kracht te laten worden.   Welke eisen stelt het ballastwaterverdrag? Elk schip met een bruto tonnage van 400 ton of meer moet vanaf 8 september 2017 uitgerust zijn met een Internationaal ballastwaterbeheercertificaat. Elk schip moet vanaf 8 september 2017 een ballastwaterjournaal aan boord bijhouden. Elk schip moet vanaf 8 september 2017 een ballastwaterbeheerplan aan boord hebben en implementeren. Nieuwbouwschepen die na 8 september 2017 worden opgeleverd moeten bij oplevering aan de ballastwaterlozingsnorm (‘D-2-standaard’) voldoen. Dit kan door bijvoorbeeld een goedgekeurd ballastwaterbehandelingssysteem te installeren. Bestaande schepen die vóór 8 september gebouwd zijn, moeten vanaf 8 september 2017 het ballastwater dat in de volgende haven geloosd zal worden, laten voldoen aan een ballastwaterwisselnorm (‘D-1-standaard’). Dit kan door het ballastwater op volle zee te wisselen, voor zover dat toegestaan en mogelijk is. Vanaf een latere datum zal ook voor bestaande schepen gaan gelden dat het in de volgende haven te lozen ballastwater aan de ballastwaterlozingsnorm (‘D-2-standaard), in plaats van de ballastwaterwisselnorm. Het moment waarop een bestaand schip aan de ballastwaterlozingsnorm moet voldoen is afhankelijk van het moment waarop het internationale certificaat ter voorkoming van olieverontreiniging (‘IOPP-certificaat’) van het schip vernieuwd moet worden.   Wie controleert en handhaaft? De certificering is voor Nederlandse schepen uitbesteed aan de erkende organisaties (klassenbureaus). Zij geven het ballastwaterbeheercertificaat uit aan het schip en keuren het ballastwaterbeheerplan van het schip. In Nederland ligt de handhaving bij de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Naast twee brieven over de implementatie van het ballastwaterverdrag heeft de inspectie een handig Q&A-overzicht gepubliceerd.   Wat is de rol van de KVNR? De KVNR heeft exclusief voor haar leden een Nederlandstalige en Engelstalige brochure gepubliceerd over het ballastwaterverdrag. Hierin worden de belangrijkste eisen van het ballastwaterverdrag op een rijtje gezet. De brochures zijn beschikbaar in de besloten ledenomgeving van de KVNR-website. Ook is het mogelijk om bij de KVNR ballastwaterjournaals te bestellen. Naast deze faciliterende dienstverlening pleit de KVNR al geruime tijd voor de oprichting van een duurzaamheidsfonds door de Nederlandse overheid. Een dergelijk duurzaamheidsfonds kan reders in staat stellen te investeren in ballastwaterbehandelingssystemen.   Geactualiseerd op 4 augustus 2017https://www.kvnr.nl/cms/showpage.aspx?id=39372017-07-27T00:00:00Alle genomineerden Maritime Awards Gala 2017 bekendMet de uitreiking van vijf prestigieuze Maritime Awards wordt ook dit jaar de innovatiekracht van de Nederlandse maritieme cluster gevierd. De jury’s hebben de inzendingen voor de verschillende prijzen beoordeeld en inmiddels zijn alle genomineerden bekend. De winnaars worden bekendgemaakt tijdens de twaalfde editie van het Maritime Awards Gala op 6 november 2017 in de RDM Onderzeebootloods in Rotterdam.   Reders, scheepswerven, studenten, ontwerpers en toeleveranciers komen voor een Maritime Award in aanmerking, wanneer ze hun meerwaarde voor de Nederlandse maritieme cluster hebben aangetoond of een inspirerend voorbeeld van innovatiekracht voor anderen zijn. Alle genomineerden voor de hieronder genoemde prijzen zijn nu bekend en staan vermeld op de website van de Maritime Awards.   Maritime KVNR Shipping Award Deze prijs is voor onderscheidende bedrijfsvoering op het gebied van scheepsinnovatie en voor sociale organisatorische en milieukundige innovatie binnen de zeescheepvaart. De prijs moet nog meer bewustzijn bij rederijen stimuleren voor verdere vergroening, meer veiligheid, hogere efficiency en met uitstekend opgeleide bemanningen. Onze genomineerden waren al bekend: Koole Engineering, Van Oord en Wagenborg Shipping.   Maritime RNLN Van Hengel-Spengler Award Deze prijs is voor de beste operationele innovatie, bedacht door studenten tot 35 jaar. Het winnende onderzoek moet (kunnen) leiden tot nieuwe inzichten, concepten of innovaties, die bijdragen aan het verbeteren van de operationele inzet van marine-eenheden.   Maritime Innovation Award Deze award wil meer bekendheid geven aan de vernieuwende kracht, die uitgaat van de maritieme en offshore toeleveringsindustrie. Ook moet de prijs innovatieve ontwikkelingen binnen de maritieme cluster stimuleren.   Maritime Designer Award Deze prijs is voor jonge maritieme ontwerpers met een vernieuwende aanpak. Onderwerpen variëren van een originele ontwerpmethode voor een scheepstype, of voor scheepssystemen. De prijs wordt ondersteund door Secretariaat Samenwerkende Maritieme Fondsen.   Maritime Award: KNVTS Schip van het Jaar Deze prijs wordt ieder jaar toegekend aan een in Nederland (of buitenlandse vestiging van een Nederlands bedrijf) ontworpen en (af)gebouwd schip, waarbij wordt gekeken naar criteria als baanbrekend, milieu, veiligheid en economie.   Maritime Awards Gala Het Maritime Awards Gala 2017 wordt mede mogelijk gemaakt door de hoofdsponsors: Damen Shipyards Gorinchem, Europort, NNPC en Wärtsilä Netherlands. Het gala vindt plaats tijdens de Maritime Week wordt georganiseerd door de Stichting Maritime Awards Gala, waarin vertegenwoordigd zijn:   Koninklijke Vereniging van Nederlandse Reders (KVNR); Netherlands Maritime Technology (NMT); Koninklijke Nederlandse Vereniging van Technici op Scheepvaartgebied (KNVTS); Koninklijke Marine (KM); Nederland Maritiem Land (NML); Nationaal Instituut voor de Scheepvaart en Scheepsbouw (NISS). https://www.kvnr.nl/cms/showpage.aspx?id=39342017-07-24T00:00:00Stena Line vergroot capaciteit tussen Rotterdam en HarwichAls gevolg van de groeiende vraag naar goederenvervoer op de route tussen Rotterdam en het Engelse Harwich vergroot ferrymaatschappij Stena Line zijn capaciteit vanaf januari 2018. Door de zogenaamde ‘Roll on Roll off’- schepen Capucine en Severine te vervangen door MV Misida en MV Misana verwacht de reder een capaciteitsgroei van ca. 20% op deze route te realiseren.   De huidige schepen varen dagelijks tweemaal vanaf Europoort en Harwich. Vervanging van deze schepen valt samen met de verwachte voltooiing van een tweede terminal in het Rotterdamse Europoort. Deze tweede terminal is onderdeel van een aanzienlijk investeringsprogramma met als doel de ontwikkeling van een sterke multipurpose freight hub in de haven. Daarnaast past de uitbreiding van de capaciteit ook in de ontwikkeling van Europoort tot belangrijk verbindingspunt voor vervoer per spoor van en naar het Verenigd Koninkrijk.   “Ik ben zeer verheugd om aan te kondigen dat we nu de volgende stap zetten in de strategische ontwikkeling van onze route Rotterdam-Harwich. In de afgelopen jaren hebben we een sterke groei van het goederenvervoer naar het Verenigd Koninkrijk gezien en momenteel zetten we het beschikbare materieel op deze route volledig in. De groei wordt verder gevoed door vrachtvolumes die per spoor aankomen in Europoort. De huidige spoorwegverbindingen tussen Poznan, Polen en Europoort, onder nieuwe eigenaar sinds dit jaar, doen het heel goed. We denken dat deze combinatie van spoor en RoRo-vervoer alleen maar verder zal groeien in de toekomst”, aldus Annika Hult, Trade Director van Stena Line North Sea en tevens KVNR-bestuurslid.   MV Misida en MV Misana zijn schepen in de categorie RoRo en zijn gebouwd in 2007. De schepen hebben een lengte van 165,75 meter en een breedte van 23,4 meter. De operationele snelheid is 19 knopen.https://www.kvnr.nl/cms/showpage.aspx?id=3932